Skip to content

Opinion article about government reform in De Volkskrant (in Dutch)

Voor De Volkskrant schreef ik een opinie artikel over overheidshervormingen: link. De originele titel van het artikel is ‘Overheidshervormingsdrift’.

 

Minister Bussemaker wil van grote mbo’s weer kleine colleges maken. Als docent aan een onderwijsinstelling juich ik verbeterinitiatieven uiteraard van harte toe. Het bestuderen van overheidshervormingen is bovendien mijn werk, dus als onderzoeker ben ik de minister ook erkentelijk. Toch neem ik met verbazing kennis van dergelijke hervormingsinitiatieven. De hervormingsdrift van politici en bestuurders staat namelijk haaks op wetenschappelijke inzichten op het gebied van overheidshervorming. Omdat valorisatie van wetenschappelijke kennis tegenwoordig behoort tot mijn persoonlijke prestatie-indicatoren, zet ik hieronder enige overdenkingen uiteen.

Overheidshervormingen worden veelal gekenmerkt door een maakbaarheidsgedachte die weliswaar ambitieus is, maar weinig realistisch. Zoals ook bij het afscheidscollege van hoogleraar Walter Kickert aan de orde kwam (Erasmus Universiteit Rotterdam, 23 oktober 2015), die zich gedurende zijn carrière uitvoerig met het onderwerp heeft bezig gehouden, leert de ervaring dat alleen kleinschalige, bijna onzichtbare hervormingen enige kans van slagen hebben. Zo staan de uiteindelijke resultaten van het ambitieuze programma ‘Andere Overheid’ (2003) van toenmalig minister Thom de Graaf in schril contrast met het ietwat saaie programma ‘Vernieuwing Rijksdienst’ (2007-2010) van topambtenaar Roel Bekker.

Een tweede overdenking is dat hervormingen zoals deze niet gebaseerd zijn op voortschrijdend inzicht of lerend vermogen, maar eerder op vergeetachtigheid. Minister Bussemaker stelt dat schaalvergroting ongewenste effecten heeft gehad: mbo’s zijn onpersoonlijke onderwijsfabrieken geworden. Een terugkeer naar een model van kleinschaligheid (let wel: in vroeger tijden het ‘probleem’) blijkt nu de oplossing te zijn. Een klassieke studie van Brunsson en Winberg laat zien dat principes van centralisatie en decentralisatie elkaar in de Zweedse spoorwegen meer dan 100 jaar hebben afgewisseld. Hervormingen zijn dus vaak een herhaling van zetten, waarbij de mislukking van gisteren moet zorgen voor het succes van morgen.

Omdat nieuwe organisatievormen naast voordelen ook nadelen hebben, schipperen sectoren daarom veelvuldig tussen verschillende organisatieprincipes. De Nationale Politie zal wellicht meer als eenheid kunnen opereren, maar deze hervorming kan ook zorgen voor een vermindering van haar aanpassingsvermogen en verslechterde lokale verankering. De decentralisatie van de jeugdzorg maakt de jeugdzorg wellicht efficiënter, maar kan ook ongelijkheid en crises in de hand werken. Bij schaalverkleining binnen mbo’s bestaat het risico dat termen als overheadreductie, critical mass en efficiencyverbetering in de toekomst weer aantrekkelijk zullen klinken. Aan toekomstige bestuurders dan weer de taak om hier gepaste hervormingen voor te introduceren (tip: de oplossing staat in de vorige alinea).

Een laatste observatie is dat overheidswerk per definitie mensenwerk is, maar dat hervormingen zich uitsluitend lijken te richten op structuren, systemen en budgetten. Het heeft wat weg van het veranderen van de indeling en apparatuur van een restaurant, maar niets te doen aan de kwaliteit van het eten, de chef of de bediening.  Om bij het onderwijs te blijven: recent onderzoek van Amerikaanse bestuurskundigen Favero en Rutherford in 300 scholen laat zien dat ‘harde’ hervormingsprogramma’s zoals bezuinigen, reorganiseren en herpositioneren niet tot aantoonbare prestatieverbeteringen leiden. Zulke hervormingen zijn dus vaak verspilde moeite. En dat is dubbel zonde, want het onderwijs barst van de mensen met de motivatie en kennis om zaken daadwerkelijk te verbeteren.

De veelvoud aan hervormingen laat zien dat bestuurders blaken van de ambitie om de Nederlandse overheid nog beter te maken. Maar allereerst is er een verandering nodig in hun manier van hervormen. Hervormingen gericht op structuren en systemen geven onvoldoende blijk van realisme, geheugen en neveneffecten. Mijn advies: kies voor een organisatievorm (inclusief alle voor- en nadelen), hou daar voor de lange termijn aan vast, en geef medewerkers de rust en ruimte om deze organisatievorm in de praktijk te laten werken. Niet ambitieus genoeg? Maakt u geen zorgen, op de werkvloer is ambitie genoeg!